Op 12 januari 2017 was de boekpresentatie van Gevoel is explosief materiaal. Het boek vertelt wat een ambulante behandeling van jonge veelplegers in de praktijk behelst. Het is geschreven voor professionals die uitvoerend of beleidsmatig, vanuit een straffende rol of een zorgtaak, te maken hebben met jonge veelplegers: de ‘verharde’ jongens en jonge mannen met een delictgeschiedenis waar we niet licht over moeten denken.

Het vraagt een langdurige, intensieve behandeling en begeleiding (meestal in combinatie met straf) om hen te bewegen het criminele pad te verlaten en een andere toekomst op te bouwen. De reikwijdte van dit boek is echter niet beperkt tot alleen de ‘zware jongens’. Elementen en inzichten van de beschreven werkwijze zijn in verdunde vorm ook bruikbaar voor lichtere doelgroepen.

Behandelproces voorstelbaar maken

Gevoel is explosief materiaal is een boek dat letterlijk tot de lezer spreekt. Het staat vol met citaten om manieren van spreken te illustreren. Opdat de rol van de behandelaar tot leven komt, hij woorden krijgt. Opdat de jongens en jonge mannen over wie het gaat, gestalte krijgen en het behandelproces gemakkelijker voorstelbaar wordt. Het is een boek dat tot nadenken wil stemmen, vergelijkingsmateriaal biedt voor de eigen professionele praktijk, inzicht biedt in de levens van deze jongens en iets van hun ‘binnenwereld’ onthult. Het wil de lezer naar binnen trekken in die wereld en zichtbaar maken van wat ‘behandelen’ in wezen is – en daarmee ontrafelen wat voor velen altijd een mysterie was.

Gratis download

Het ministerie van Veiligheid en Justitie gaf opdracht tot het maken van dit boek en geeft het uit. Het is geschreven door Karin Schaafsma in nauwe samenwerking met Erik Jongman (GZ psycholoog en psychotherapeut) die zijn jarenlange en rijke praktijkervaring met het behandelen van jonge veelplegers in dit boek deelt. Het is hier gratis te downloaden.

Meer weten?

Wilt u meer weten over het boek ‘Gevoel is explosief materiaal’?
Neem dan contact op met Karin Schaafsma, ze staat u graag te woord.

Karin Schaafsma Karin Schaafsma