Provinciale depots voor bodemvondsten
Depot bodemvondsten verplicht
Elke provincie is wettelijk verplicht een depot in stand te houden waarin archeologische vondsten die in die provincie zijn gevonden bij het doen van opgravingen kunnen worden opgeslagen. Die vondsten en de bijbehorende documentatie geven een beeld van de geschiedenis van de provincie. De depothouder (de provincie) is tevens eigenaar van de vondstmaterialen. Voor provincies een hele klus, vooral omdat door de toegenomen bouwactiviteit (nieuwbouwwijken, infrastructuur, stedelijke verdichting) steeds meer onderzoeken plaatsvinden en dus ook meer documentatie en vondsten bij de depots worden aangeleverd.
Wettelijke taken en kwaliteitseisen
De taken die op de schouders van de provincie rusten bestaan uit het in ontvangst nemen van de vondsten en documentatie en het bewaren van alle vondsten, monsters en originele documentatie in woord en beeld in het depot. Alle materiaal staat geordend op een standplaats, waar zodanige condities heersen dat vondsten, monsters en documentatie zo stabiel mogelijk kunnen worden bewaard.
Taken
- Registreren: Het vastleggen van informatie over de gedeponeerde vondsten in systemen, zodat de toegankelijkheid van vondsten, monsters en documentatie is gewaarborgd.
- Conserveren: Alle handelingen die bijdragen aan het duurzaam stabiel houden van de materiële staat van de gedeponeerde vondsten: het gehele scala van verpakken (passieve conservering) tot het volledig restaureren van objecten.
- Toegangverlening: Het verlenen van toegang aan derden tot de informatie over de collectie als de collectie zelf (vondsten, monsters) voor onderzoeks- of andere doeleinden (art. 9, Verdrag van Valletta). Deze taak kan wettelijk gezien smal worden opgevat (bezoek aan het depot moet mogelijk zijn bijvoorbeeld voor onderzoekers en op aanvraag).
Kwaliteitseisen
Niet alleen moet de provincie een aantal wettelijke taken uitvoeren, die uitvoering moet ook aan kwaliteitseisen voldoen. De kwaliteitseisen waaraan het depotbeheer moet voldoen, zijn onderdeel van de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (KNA). In het KNA-protocol 4010 Depotbeheer staan de nadere voorschriften, normen en aanbevelingen verwoord voor de uitvoering van de wettelijke taken zoals ontvangst, opslag en registratie van in ontvangst genomen materialen. De Erfgoedinspectie gebruikt de KNA als uitgangspunt bij de inspectiebezoeken aan de individuele provinciale depots en deze houden weer toezicht op de eventuele gemeentelijke depots in de eigen provincie. De Erfgoedinspectie bracht in juni 2016 over alle provinciale depots samen rapport uit (Graven in depots door de Erfgoedinspectie).